De uitdagingen voor kinderen op het zendingsveld

Bij de uitzending van gezinnen naar het buitenland wordt er in het algemeen veel tijd gestoken in de voorbereiding van de ouders. Vaak is er minder aandacht voor de kinderen. Terwijl de verhuizing naar een ander land en een andere cultuur op hen toch minstens zoveel impact maakt. Sinds 2004 houdt Kezia Schoonveld zich bij WEC Nederland bezig met dit onderwerp. Wij stelden haar een paar vragen op het gebied van kinderen en zending en het belang van een goede ondersteuning.

Wat maakt zendingskinderen tot een belangrijk aandachtsgebied?

“De uitzending naar het buitenland heeft een levenslang effect op de kinderen. Een gezin is een eenheid, daarom moet het hele gezin voorbereid worden. De ervaring is dat wanneer het goed gaat met de kinderen het ook met de ouders goed gaat. Maar als het niet goed gaat met de kinderen, heeft dat gevolgen voor de ouders. Binnen zending speelt roeping een grote rol: de ouders worden geroepen om een bepaalde rol op zich te nemen of naar een bepaald land te gaan. De roeping betreft echter ook de kinderen. God heeft een plan met hun leven. En het kiezen van de juiste scholing is belangrijk. Er zijn internationale zendingsscholen, maar vergeet als ouders ook het onderwijs in de Nederlandse taal en cultuur niet. Kinderen die in het buitenland leven komen verder af te staan van de taal en cultuur van hun ouders. Echter, kennis van deze taal en cultuur is broodnodig om hen bij terugkeer naar Nederland goed te laten integreren en vervolgonderwijs te kunnen bieden.”

Welke soort ondersteuning kan er worden aangeboden?

“Ten eerste geven we les aan ouders over wat het betekent om TCK (Third Culture Kid) te zijn. Leven in een andere cultuur wordt door kinderen heel anders beleefd dan door de ouders. Tips over intercultureel opvoeden willen we ook graag aan de ouders meegeven. Daarnaast geven we speciale aandacht aan de voorbereiding van de kinderen. We staan stil bij de grote veranderingen die er voor hen aan staan te komen. Daarbij houden we rekening met de leeftijd van de kinderen. Bij terugkeer naar Nederland is er naast aandacht voor de ouders ook weer aandacht voor de kinderen, waarbij er gepraat wordt over hun tijd in het buitenland. Hoe hebben ze het ervaren, wat waren de mooie momenten en wat was moeilijk? Zo kunnen we proeven of er eventueel nog extra ondersteuning nodig is.”

Hoe beleven kinderen hun tijd op het zendingsveld in het algemeen?

“Voor veel kinderen is het zendingsveld ‘hun gewone thuis’. Daar zijn hun vrienden en daar is hun school. Kinderen beleven hun verblijf in het buitenland dan ook vaak als positief. Leven in een andere cultuur brengt echter wel de nodige uitdagingen met zich mee: tijdens ons verblijf in het buitenland waren onze kinderen de enigen met speelgoed. Wanneer andere kinderen met hen wilden spelen was het onduidelijk of ze voor onze kinderen kwamen of voor het speelgoed. Armoede zorgt voor scheve verhoudingen. Er zijn ook situaties te noemen waarbij kinderen van zendelingen geconfronteerd worden met ziekte en overlijden. Zo maakten de kinderen van een zendingsgezin in Zuid-Afrika mee dat sommige van hun vriendjes kwamen te overlijden aan de gevolgen van AIDS. Verhuizingen hebben ook een grote impact op kinderen: het is moeilijk om afscheid te nemen van degenen waar je jarenlang mee bent opgetrokken. Kinderen van zendelingen verhuizen veel  en er moet dus vaak afscheid worden genomen.”

 Hoe is de terugkeer naar Nederland voor kinderen?

“Er is een verschil in verwachtingen tussen het thuisfront en de teruggekeerde kinderen. Vaak hebben deze kinderen een soort ideaal beeld van Nederland: daar worden ze met open armen ontvangen en overladen met cadeautjes. In het begin gaat dit misschien ook wel zo, maar na langere tijd valt het tegen. Ze merken al gauw dat andere kinderen niet echt geïnteresseerd zijn in hun vorige leven en ervaringen. Het is lastig aansluiting te vinden bij leeftijdsgenoten.  Er breekt een moeilijke tijd aan. De zendingskinderen kennen de Nederlandse cultuur niet. Toch wordt er wel van hen verwacht dat ze weten wat ze moeten doen en hoe het hier hoort. Ze zijn immers Nederlander: ze zien er Nederlands uit en hebben een Nederlands paspoort. Daar komt nog bij dat de ouders ‘zendeling-af’ kunnen zijn. Zij laten de tijd op het zendingsveld makkelijker achter zich dan dat de kinderen dat doen. Kinderen blijven altijd Third Culture Kid: ze zijn opgegroeid in een andere cultuur dan die van de ouders, zijn vaak verhuisd, hebben veel van de wereld gezien en voelen zich overal en nergens thuis. Om weer deel te worden van de Nederlandse maatschappij kan een langdurig proces zijn, zowel voor de ouders als voor de kinderen.”

Wat is jouw verlangen voor zendingskinderen?

“Mijn droom is dat de kinderen zich goed kunnen ontwikkelen in allerlei opzichten. Qua scholing, maar ook geestelijk en lichamelijk. Dat ze het goed mogen hebben op het zendingsveld, ook al hebben ze niet dezelfde mogelijkheden als wanneer ze in Nederland waren gebleven. En dat ze positief terug mogen kijken op hun tijd in het buitenland en hun ervaringen mogen inzetten voor Gods Koninkrijk.  Moeilijkheden zijn niet altijd te voorkomen. Maar hopelijk maken deze moeilijkheden hen sterker.”

Boekentip van Kezia:
'A gift to care for' van Ruth E. Van Reken, Michael V. Pollock en David C. Pollock. Dit boek beschrijft dat kinderen een gave zijn van God. Het is de opdracht van de ouders om goed voor ze te zorgen, zodat deze gave tot bloei komt. Klik hier voor meer informatie over dit boek.


Meer informatie over gezinnen in de zending vind je op onze website.


Specifieke informatie over kinderen vind je hier.

02-06-2021